Planten en bloemen

Gipskruid

Gypsophila paniculata

Inhoud

Gipskruid komt tot 1 meter hoog en breed (vooral na enkele jaren). Deze plant is bossig met opgaande, breed en sterk vorkvormig vertakte, kale stengels. De bladeren zijn 4 -7 cm lang, ze zijn smal lancetvormig en spits. Met één nerf, grijsgroen, zittend. De bloemen van gipskruid zijn klein (max. 1 cm doorsnee), 5-tallig, vuilwit, met honderden verenigd in brede, dichte pluimen.

Naast de gezaaide soort in cultuur vooral vertegenwoordigd door:
• cv. ‘Bristol Fairy’, met grotere, gevulde, witte bloemen; als stek eerder kortlevend.
• cv. ‘Flamingo’, met grotere, halfgevulde, roze bloemen; groeit als stek niet altijd naar wens.
• cv. ‘Rosenschleier’ (syn. cv. Rosy Veil’), lage, brede vorm (tot 40 cm hoog en 60 cm breed); bloemen gevuld, eerst wit, later lichtroze; sterke plant die bovendien beter vochtige en zwaardere bodems verdraagt; deze hybride (ontstaan uit een kruising tussen (G. paniculata cv. Plena’ en G. repens cv. ‘Rosea’) is de beste Gypsophila voor de tuin.

gipskruid
Gipskruid – Gypsophila paniculata

Gipskruid Standplaats

Het gipskruid vraagt een zonnige standplaats. De bodem eisen: vooral diep, droog, licht, poreus, niet te vruchtbaar en bij voorkeur kalkhoudend. Deze plant voldoet niet op vochtige gronden.

Gipskruid Verzorging

Gipskruid is goed bestand tegen harde wind, maar hoge vormen kunnen wel wat steun nodig hebben. Oudere exemplaren zijn moeilijk te verplanten (wortelstok met alleen enkele, vlezige penwortels). Terug snijden na eerste bloei geeft wat nabloei in september – oktober. De cv.’s zijn niet zaadvast en worden vermeerderd door stek of door enten op de soort zelf. Geënte planten van cv. ‘Bristol Fairy’ en cv. ‘Flamingo’ zijn veel sterker, maar duurder in aankoop (daarnaast niet altijd voorradig).

gypsophila-bristol-fairy
Gipskruid – Gypsophila ‘Bristol Fairy’

Gipskruid Gebruik

Plantdichtheid: 2-3 planten/m², voor de cv. ‘Rosenschleier’ tot 5 planten/m². Uitstekend geschikt voor een plaats midden in de border, voor de begroeiing van hellingen (bv. samen met siergrassen), en de lagere cv. ‘Roserischleier’ als rand-, muur- en rotstuinplant. Combineert met praktisch alle andere planten, maar vooral goed met planten die vroeger bloeien (bv. Delphinium) of in de loop van de zomer verdwijnen zoals Papaver orientale en bloembollen. Bijzonder mooi met grijsbladige (Stachys, Nepeta, Lavandula, enz.). Bovendien geschikt als overgansplant tussen moeilijk te combineren kleuren. Verdraagt goed zeewind.

Varia

Onovertroffen als snijbloem, zowel vers als in droogboeketten Gypsophila komt van de Griekse woorden ‘gypsos’ = gips (kalksulfaat) en ‘philos’ = vriend; verwijst naar de voorkeur voor kalkrijke bodems.

kruipend-gipskruid
kruipend gipskruid

Andere soorten

Ongeveer 125 soorten, waarvan alleen Gypsophila repens (kruipend gipskruid) gangbaar voorkomt: 10-20cm hoog, losse zoden vormend met over de grond kruipende stengels. Bladeren 1-3 cm, lijnvormig, blauwgroen; bloemen ± 5 mm doorsnee, wit of lichtroze (cv. ‘Rosea’), in losse, ijle pluimen van mei tot augustus. Vraagt zon, maar niet te heet, en een droge, kalkrijke bodem. Geschikt voor de begroeiing van muurtjes, rotstuin, bloembakken en vooraan in de border. Kruipend gipskruid is bijzonder mooi met lage campanula.

Tags
Toon meer

Gerelateerde artikelen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Back to top button
Sluiten
Sluiten